Wat is social return? Definitie, verplichtingen en toepassing (2026)

Social return is een aanpak waarmee een aanbestedende dienst bij een opdracht kansen op werk, ontwikkeling of participatie creëert voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De opdrachtgever kan de opdrachtnemer daarvoor stimuleren of contractuele afspraken maken. De precieze verplichting, doelgroep en invulling staan altijd in het eigen inkoop- en aanbestedingsdossier.

Korte samenvatting

Social return kan bij een aanbesteding als eis, uitvoeringsvoorwaarde of gunningscriterium worden gebruikt; de gekozen vorm staat in de aanbestedingsstukken. Het is niet automatisch van toepassing op iedere opdracht. Voor de opdrachtnemer ontstaat een concrete verplichting pas wanneer de aanbestedende dienst deze opneemt in de uitvraag en het contract. Lees daarom altijd de leidraad, Nota van Inlichtingen en overeenkomst.

Wat betekent social return?

Social return betekent dat een opdrachtgever zijn inkoopkracht inzet om kansen op werk en ontwikkeling te vergroten voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het is een inkoopinstrument, geen afzonderlijke wet. De manier waarop het wordt toegepast verschilt per opdracht.

PIANOo omschrijft social return als een manier om arbeidsparticipatie en werkgelegenheid voor mensen met een kwetsbare positie op de arbeidsmarkt te bevorderen. De aanbestedende dienst kan daarvoor de opdrachtnemer stimuleren of verplichten om een sociale bijdrage te leveren.

In aanbestedingsdocumenten wordt vaak ook de afkorting SROI gebruikt. Lees de gekozen term altijd in de context van de opdracht: in een bredere beleids- of impactcontext kan Social Return on Investment ook een methode zijn om maatschappelijke waarde te meten.

Is social return wettelijk verplicht?

Nee. Social return is niet als algemene verplichting verbonden aan iedere aanbesteding. Een verplichting ontstaat voor de opdrachtnemer alleen wanneer de aanbestedende dienst social return in de aanbestedingsstukken en vervolgens in de overeenkomst heeft opgenomen.

De aanbestedende dienst bepaalt per opdracht of social return passend en proportioneel is. Daarbij spelen onder meer de aard, waarde, looptijd en arbeidsintensiteit van de opdracht een rol. Rijksbeleid of lokaal beleid kan richting geven, maar de concrete eis staat altijd in de betreffende uitvraag.

Een opdrachtnemer moet daarom niet uitgaan van een standaarddrempel of vast percentage. Controleer de leidraad, de Nota van Inlichtingen, het programma van eisen en de contractvoorwaarden.

Wat is het verschil tussen social return als uitvoeringsvoorwaarde en als gunningscriterium?

Bij social return als uitvoeringsvoorwaarde ontstaat na gunning een contractuele plicht voor de opdrachtnemer. Bij social return als gunningscriterium beoordeelt de aanbestedende dienst het aanbod of plan van aanpak al tijdens de inschrijving. De gekozen route bepaalt dus wanneer en waarop de inschrijver wordt beoordeeld.

Een uitvoeringsvoorwaarde kan bijvoorbeeld voorschrijven dat de winnende opdrachtnemer tijdens de looptijd een afgesproken sociale bijdrage realiseert. De naleving wordt dan in de uitvoeringsfase gemonitord. Een percentage van de opdrachtsom of loonsom is een veelgebruikte, maar niet verplichte, vorm.

Bij een gunningscriterium kan een hogere inzet, een onderbouwd plan van aanpak of een aantoonbare aanpak extra punten opleveren binnen de beoordeling op beste prijs-kwaliteitverhouding. Een aanbestedende dienst kan ook een minimumeis combineren met een gunningscriterium voor extra ambitie boven dat minimum.

Wat heeft artikel 2.82 Aanbestedingswet met social return te maken?

Artikel 2.82 van de Aanbestedingswet 2012 maakt het mogelijk een opdracht voor te behouden aan bepaalde sociale organisaties of programma’s voor beschermde arbeid. Dat is iets anders dan een social-return-uitvoeringsvoorwaarde voor de winnende opdrachtnemer. Artikel 2.82 legt dus niet zelf een SROI-verplichting op.

De bepaling ziet op sociale werkplaatsen, ondernemingen waarvan de maatschappelijke en professionele integratie van gehandicapten of kansarmen het hoofddoel is, en programma’s voor beschermde arbeid. Voor alle drie geldt dat ten minste 30% van de werknemers gehandicapte of kansarme werknemers moet zijn.

Ook bij een voorbehouden opdracht blijft concurrentie vereist: de aanbesteding moet openstaan voor de organisaties die aan de voorwaarde voldoen. De aanbestedende dienst vermeldt de voorbehouden opdracht duidelijk in de aankondiging.

Hoe bereken je social return?

Er bestaat geen landelijke, vaste rekenformule voor social return. De aanbestedende dienst bepaalt de grondslag, het percentage, de meetwijze en de bewijsstukken in de aanbestedingsstukken. De opdrachtnemer rekent daarom altijd met de opdracht-specifieke voorwaarden.

In de praktijk wordt vaak gewerkt met een percentage van de opdrachtsom, de loonsom of een afgesproken aantal uren. PIANOo noemt een bandbreedte van 2% tot 5% van de opdrachtsom als veelvoorkomende praktijk, met ruimte voor maatwerk en andere percentages wanneer de aard van de opdracht dat rechtvaardigt.

  1. Lees welke grondslag de opdrachtgever heeft gekozen: opdrachtsom, loonsom, uren of een bouwstenenmodel.
  2. Pas het genoemde percentage of de overeengekomen waarde toe.
  3. Vertaal de opgave naar toegestane activiteiten, doelgroepen en eventuele waarderingen uit het beleid van de opdrachtgever.
  4. Leg vanaf de start bewijsstukken, uren, facturen en voortgang vast volgens de afgesproken rapportagewijze.

Voor een praktische uitwerking per grondslag en sector, zie de uitleg over de berekening van social return.

Wat is het verschil tussen PSO en social return?

PSO is een keurmerk en meetinstrument voor de structurele mate waarin een organisatie sociaal onderneemt. Social return is een opdrachtgebonden afspraak binnen een aanbesteding of contract. Een PSO-certificaat vervangt een contractuele social-return-eis niet automatisch.

De Prestatieladder Socialer Ondernemen is ontwikkeld door TNO en maakt via onafhankelijke toetsing zichtbaar hoe inclusief een werkgever is. Een aanbestedende dienst kan een keurmerk of meetinstrument betrekken bij de uitvraag, maar moet zelf in de aanbestedingsstukken aangeven welke betekenis daaraan wordt toegekend.

De juridische en praktische verschillen staan uitgebreider op de pagina verschil tussen SROI en PSO.

Voor wie geldt social return en wie doet wat?

De aanbestedende dienst bepaalt in de uitvraag of social return geldt, welke doelgroep meetelt en hoe de prestatie wordt gewaardeerd. De opdrachtnemer die de opdracht gegund krijgt, is vervolgens verantwoordelijk voor de uitvoering en verantwoording. Een hoofdaannemer kan samenwerken met partners, maar blijft aanspreekpunt voor de opdrachtgever.

Doelgroepen kunnen per opdrachtgever verschillen. Bij het Rijk worden onder meer mensen uit de Participatiewet, langdurig werkzoekenden, mensen met een arbeidsbeperking en bepaalde leer-werkdoelgroepen genoemd. De exacte doelgroepafbakening, instroomvoorwaarden en bewijslast volgen echter uit de aanbestedingsstukken.

Lees voor de contractuele rolverdeling en mogelijke gevolgen bij niet-nakoming wanneer een social-return-verplichting geldt.

Hoe geef je social return in de praktijk invulling?

Een goede invulling begint vóór de gunning: analyseer de contracteis, plan de benodigde capaciteit en stem vroeg af met de opdrachtgever of aangewezen coördinator. Kies vervolgens een invulling die past bij de opdracht, de doelgroep en de beschikbare begeleiding. Bewijsvoering en voortgangsrapportage zijn onderdeel van de uitvoering.

Mogelijke vormen zijn een werk- of leerwerkplek, stage, opleiding, begeleiding, samenwerking met een sociale onderneming of een andere aantoonbaar toegestane activiteit. Welke vorm meetelt, is niet generiek: volg altijd het beleid en de waarderingssystematiek van de opdrachtgever.

Een praktische vraag die vaak terugkomt, is hoe de uitvoering wordt aangetoond. Bekijk daarvoor ook veelgestelde vragen over social return.

Veelgestelde vragen over social return

Moet iedere ondernemer social return uitvoeren?

Nee. Een ondernemer hoeft social return alleen uit te voeren wanneer de aanbestedende dienst dit voor de betreffende opdracht heeft opgenomen in de aanbestedingsstukken en de overeenkomst. De eis kan verschillen per opdrachtgever, opdracht en contract. Controleer daarom altijd de leidraad, eventuele Nota van Inlichtingen en de contractvoorwaarden voordat je de inzet plant of begroot.

Is 5% altijd het percentage voor social return?

Nee. Vijf procent is een veelgebruikte praktijkwaarde, maar geen algemene wettelijke norm. De opdrachtgever bepaalt of een percentage wordt toegepast, welke grondslag geldt en of maatwerk mogelijk is. Bij sommige opdrachten wordt met uren, een bouwstenenmodel of een kwalitatief plan gewerkt. Alleen het percentage en de rekenwijze in jouw aanbestedingsdocumenten zijn bindend.

Wie bepaalt welke mensen meetellen voor social return?

De aanbestedende dienst bepaalt de doelgroep, de voorwaarden voor aantoonbaarheid en de toegestane invulling. Daardoor kunnen definities per gemeente, ministerie, regio of opdracht verschillen. Een persoon die in het ene beleid meetelt, hoeft niet automatisch in een andere uitvraag te kwalificeren. Gebruik daarom de doelgroepomschrijving en bewijsregels uit de eigen aanbestedingsstukken als uitgangspunt.

Mag een opdrachtnemer de uitvoering van social return uitbesteden?

Dat kan vaak, bijvoorbeeld door samen te werken met een sociale onderneming, opleider of gespecialiseerde uitvoeringspartner. De opdrachtnemer blijft echter verantwoordelijk voor de nakoming van de contracteis, de kwaliteit van de onderbouwing en de rapportage aan de opdrachtgever. Controleer vooraf of de gekozen invulling, eventuele onderaanneming en de bewijsstukken volgens de opdracht zijn toegestaan.

Telt een PSO-certificaat automatisch mee als invulling?

Nee. PSO laat zien hoe inclusief een organisatie structureel onderneemt, maar vervangt niet automatisch een social-return-verplichting in een specifieke opdracht. Een aanbestedende dienst kan een PSO-certificaat gebruiken als informatiebron, selectie-instrument of onderdeel van een waarderingsmethode, maar moet dat expliciet in de aanbestedingsstukken opnemen. Lees daarom altijd hoe de opdrachtgever het certificaat behandelt.

Wanneer is artikel 2.82 Aanbestedingswet relevant?

Artikel 2.82 is relevant wanneer een aanbestedende dienst de deelneming aan een procedure wil voorbehouden aan sociale werkplaatsen, bepaalde integratiegerichte ondernemingen of programma’s voor beschermde arbeid. Het artikel vereist onder meer dat ten minste 30% van de werknemers gehandicapte of kansarme werknemers zijn. Het is geen standaardroute voor het opleggen van een social-return-contracteis.

Wat moet een opdrachtnemer bewaren als bewijs?

Dat hangt af van de rapportageafspraken in het contract. Veel opdrachtgevers vragen om onderbouwing van de doelgroep, uren of activiteiten, begeleiding, facturen en voortgang. Leg de gekozen invulling direct bij de start vast en stem twijfelgevallen tijdig af met de opdrachtgever. Zo voorkom je dat bewijs achteraf niet aansluit op de eisen of waarderingssystematiek.

Is social return hetzelfde als SROI?

In Nederlandse aanbestedingspraktijk wordt SROI vaak gebruikt als aanduiding voor social return. De afkorting kan echter ook verwijzen naar een bredere methode om maatschappelijke waarde te meten. Kijk daarom naar de definities in de aanbestedingsstukken en het lokale beleid. Voor de contractuele verplichting is bepalend wat de opdrachtgever precies onder social return of SROI verstaat.

Gerelateerde pagina’s

Bronnen en verdere verdieping

De juridische en beleidsmatige informatie op deze pagina is gebaseerd op onderstaande primaire en publieke bronnen. De aanbestedingsstukken van de concrete opdracht blijven altijd leidend.

  1. Aanbestedingswet 2012, waaronder artikel 2.82 – Wetten.nl
  2. Social return – PIANOo
  3. Visie: social return – PIANOo
  4. Fase 1: voorbereiden inkoopopdracht met social return – PIANOo
  5. Social return – Rijksinkoopsamenwerking
  6. Prestatieladder Socialer Ondernemen – PSO-Nederland